Woordanker leesuitgave ‹ ›

Psalm

Psalm 52

Voor de koorleider. Een leerdicht van David, toen Doëg de Edomiet bij Saul was gekomen en hem had gemeld: ‘David is in het huis van Achimelech gekomen.’

Zie je iets dat beter kan? Klik op een vers om te reageren of om de uitleg te openen.

Wat snoef je op je slechtheid, geweldenaar? De trouw van God houdt de hele dag stand.

Onheil broedt je tong uit, vlijmend als een gewet scheermes, bedrieger die je bent.

Het kwaad heb je liever dan het goede, de leugen boven eerlijke taal. Sela

Je bent verzot op verslindende praat, o bedrieglijke tong.

Daarom haalt God je voor altijd omver;
hij grist je weg, sleurt je uit je tent en rukt je met wortel en al los uit het land van de levenden. Sela

De rechtvaardigen zullen toezien, door ontzag bevangen, en hem uitlachen:

“Kijk toch, daar is de man die God niet tot zijn toevlucht koos, maar bouwde op zijn overvloedige rijkdom en zijn kracht zocht in zijn eigen onheil.”

Maar ik gedij als een frisse olijfboom in Gods huis;
op de trouw van God stel ik mijn vertrouwen, voor eeuwig en altijd.

U zal ik eeuwig danken om wat u hebt gedaan, en ik zet mijn hoop op uw naam, die goed is, ten overstaan van wie u toegewijd zijn.

← Psalm 51Psalm 53 →